Turbulent begin op Bonaire
Twee jaar geleden zette ik voor het eerst voet op Bonaire. De behoefte om (tijdelijk) te emigreren heb ik nooit echt gehad. Ik kom uit Noord-Holland en was gelukkig in Noord-Holland. Geboren in Beverwijk, opgegroeid in Hoorn en voor mijn vertrek woonde ik in Amsterdam.
Op 3 maart 2008 stapte ik, na ruim negen uur vliegen, uit het vliegtuig op Flamingo Airport te Bonaire. Heel andere koek en ik had geen idee wat mij te wachten stond. Het was de bedoeling dat ik er samen met mijn vriend de komende twee jaar zou verblijven.
Hij, Niels, was uitgezonden door het ministerie van Binnenlandse zaken en zou de gezaghebber van Bonaire (soort burgemeester) gaan ondersteunen op organisatorisch vlak en op het gebied van de ruimtelijke ordening. Eerder was Niels al ongeveer een maand naar de Antillen geweest om daar in kaart te brengen wat er aan ruimtelijke ordening gebeurt op de eilanden. Niels was toen zo onder de indruk van de eilanden en Bonaire in het bijzonder dat hij wel voor een tijdje wilde gaan werken op Bonaire. Ik wist aanvankelijk niet zo goed wat ik daar van moest denken maar gaandeweg vond ik eigenlijk wel dat wij een kans moesten wagen.
Mijn vriendinnen steunden mij, ook al vonden ze het vooruitzicht van mijn vertrek ook weer niet zo leuk. Mijn ouders reageerden aanvankelijk ook erg enthousiast: Je moet je ontwikkelen, niet blijven hangen in het bekende, dat werk. En zowaar, op een gegeven moment was er die kans: een vacature voor een functie op Bonaire, en die functie leek Niels op het lijf geschreven. Hij solliciteerde en werd vervolgens geselecteerd voor een gesprek dat zou plaatsvinden op de Antillen. Er was nog 1 andere kandidaat. Het kwam akelig dichtbij.
Ik werd er een beetje bang van en wist niet zo goed wat ik er nou allemaal van moest vinden: ik heb het toch goed hier in (Noord-)Holland, kan ik wel zonder mijn familie en mijn vrienden? Op een avond toen ik bij mijn ouders was, vertelde ik over de ontwikkelingen en van het aanvankelijke enthousiasme van mijn moeder was opeens erg weinig over. “Merel, jij moet ook een baan hebben hoor, stilstaan is voor iemand van jouw leeftijd niet goed!”.
De trein ging verder en op een avond ontving Niels het telefoontje dat hij het geworden was. Ik wist nou niet of ik blij moest zijn. Mijn vader, die ook een tijdje in Suriname heeft gezeten, reageerde heel blij, mijn moeder feliciteerde me maar blij was ze niet. Echt tijd om te bezinnen had ik niet, we moesten binnen een paar maanden alles geregeld hebben voor ons vertrek. Dat was eigenlijk maar goed ook, anders was ik veel te veel gaan piekeren. Nu, na bijna 2 jaar op Bonaire kan ik zeggen dat ik na een turbulente beginperiode gelukkig ben en dat ik deze ervaring nooit had willen missen.





Turbulent op Bonaire, daar lees ik niets over. Wel de “tweestrijd ” ook door de moeder!
Over Bonaire niets.
Groetjes Wim