’s Lands wijs, ’s lands eer?


Tijdens een bezoek aan onze distributeur in Engeland, viel me maar weer eens op dat de rijstijl per land enorm kan verschillen.

Zo heb ik in ieder geval de ervaring dat in Nederland de stijl over het algemeen redelijk agressief, opgefokt en gehaast is. Men inspecteert het liefst de achterbak van de voorganger alvorens deze in te halen, al dan niet met een opgestoken middelvinger bij het passeren. Links rijden is meer regel dan uitzondering, maximumsnelheid wordt geïnterpreteerd als een adviessnelheid waarbij dit zgn advies in de wind worden geslagen, en de ergernissen over wat oudere van dagen in suzuki alto’s (of mensen met hoeden, of Belgen) die met 80 op de snelweg rijden zijn bekend.

Wat voelde ik dan ook een opluchting toen ik laatst in Engeland reed. Ja natuurlijk moet je even wennen aan het feit dat je aan de in jouw ogen verkeerde kant moet instappen, aan de andere kant moet rijden, rotondes de andere kant op moet nemen ja ook bij het achteruit rijden over de linker in plaats van rechter schouder kijkt.

Daarbij komt nog dat je met je rechterhand nogal eens tegen de deur klapt in plaats van met de linker de versnellingspook te pakken en zo nu en dan doe je de ruitenwissers aan in plaats van de knipperlichten.

Als je die dingen hebt overwonnen, komt er echter een kalmte over je heen wanneer je de weg echt op bent. Mede weggebruikers gaan na het inhalen weer naar links, zien invoegers aankomen en maken ruimte, geven voorrang op plekken waar je dat niet altijd zou verwachten en rijden over het algemeen als ware “gentlemen”. Ik deel gedeeltelijk de Engelse passie voor luxe auto’s en kan bij het passeren van een Aston Martin, Rolls Royce of een oldtimer waardering opbrengen voor de rijder die zoveel geld uitgeeft aan de auto. Bij de eerste zonnestralen gaan de cabrio’s de weg op en beleven de Engelsen echt het autorijden en genieten van de ronkende motors.

Het Festival of Speed in Goodwood waar ik vorig jaar was, is dan ook een walhalla voor autoliefhebbers. Niet alleen de rijstijl is tekenend, ook het aanbod van muziek maakt in mijn ogen Engeland tot een fantastisch land om te rijden. Hippe muziek, afgewisseld met golden oldies als Elton John, Cliff Richard en Rod Stewart galmt uit de speakers en het mooiste is dat je honderden kilometers kan rijden voordat de zender gaat storen en je op zoek moet naar een andere geweldige zender.

Hoe anders is het soms in Frankrijk….

Een auto dient als middel om van A naar B te komen, niets meer en niets minder. Bij het parkeren geldt de gouden regel “boem is ho”; krasjes, deukjes en schrapen in de lak zijn meer regel dan uitzondering, het grote licht en claxon worden ook in niet levensgevaarlijke situaties gebruikt en bumperkleven is tot sport verheven.

Bij het verlaten van iedere stad kun je op zoek naar een andere zender waardoor het meebrengen van cd’s een absolute must is, tenzij je iedere 50 kilometer aan de radio wilt draaien waar alleen de route info helder blijft. Uitgerekend de zender met de minste muziek.

Wanneer iemand op de snelweg te lang links blijft hangen en je niet in kunt halen gaat het linker knipperlicht aan om duidelijk te maken dat je in wilt halen. Als de voorganger naar de mening van de inhaler niet snel genoeg aan de kant gaat, wordt het grote licht ingezet. Een korte flits moet de aandacht van de voorganger wekken en duidelijk maken dat deze verzocht wordt zo snel mogelijk ruimte te maken. Helpt dit niet dan wordt een combinatie van flitsen, toeteren en bumperkleven ingezet zodat monsieur daarna eindelijk in kan halen.

De middagpauze is nog steeds heilig en veel winkels zijn tussen 12 en 14 gesloten om in alle rust te kunnen genieten van het “dejeuner”, hoe anders zijn Fransen op de weg, waar iedere seconde lijkt te tellen.

Hoe een Hollandse daar mee om gaat? Op het gebied van de Franse rijvaardigheid ben ik volgens kenners behoorlijk ingeburgerd. Bij een Nederlands kampioenschap toeteren zou ik tot de favorieren behoren, flitsen kan ik als de beste, parkeren op veel te kleine plekjes is “pas de problème” en de goed begaanbare, lege snelwegen (bij voorkeur Péage) zijn als een maagdelijke A7, waar je zonder gène een sportieve rijstijl aan kan houden en de automobiel even goed wakker kunt schudden.

Helaas heb je ook hier een aantal ijverige ambtenaren en flitspalen die voor geld in het laatje moeten zorgen. Een Nederlandse uitdrukking die ongetwijfeld in Noord-Holland is bedacht luidt dat je van “een koude kermis thuis komt”.  Zo voelde het dan ook dat ik vanochtend weer het kantoor binnenstapte, nog nagenietend van het rijden in Engeland en het skiën in het weekend.

Op een inmiddels voor mij bekend stukje had ik een iets te sportieve stijl aangehouden met een boeten als gevolg. (deed me denken aan de ezel en de steen). Heel Frans is de boete 60 euro (voor 3 kilometer na correctie te hard…) maar als je binnen 14 dagen betaalt krijg je korting en wordt het 45 euro, dat dan weer wel. Voorlopig dus even proberen wat rust in de rijstijl te brengen en misschien wat vaker met de fiets…

Informatie en Links

Doe mee door te reageren, te volgen wat anderen hebben te zeggen, of door van uw blog naar hier te linken.


Andere Berichten

Reageer

Vertel ons wat u vindt. Sommige HTML-tags zijn toegestaan.

Reacties van lezers

Geef de eerste reactie!