Over het kopen van een huis (2)
Wie in Nederland een huis koopt zonder makelaar, moet zelf de papieren rompslomp regelen. Dat kan, want een bankrekening en een sofinummer heb je al. Je hoeft er geen extra vakantiedagen voor op te nemen en je weet, dat het uiteindelijk wel goed komt. Je nachtrust komt niet in gevaar.
Wie in Griekenland een huis koopt zonder makelaar, moet zelf de papieren rompslomp regelen. Die begint met het aanvragen van een bankrekening en een sofinummer. Je moet er meer vakantie voor opnemen dan je nog hebt en je weet bovendien niet of het uiteindelijk wel goed komt. Je nachtrust haal je thuis maar weer in.
Wie in Nederland een huis koopt, heeft meestal wel enig idee hoeveel belasting hij betaalt. Deze is afhankelijk van de verkoopprijs. Eén telefoontje naar de gemeente en je weet het.
Wie in Griekenland een huis koopt, heeft geen flauw idee hoeveel belasting hij betaalt. Deze is afhankelijk van de waarde van je huis – de verkoopprijs staat daar los van. Eén telefoontje naar de gemeente is voldoende om je door te verwijzen naar de belastingdienst. Daar krijg je drie behulpzame antwoorden: ‘misschien morgen’, ‘mijn collega is er vandaag niet’ en ‘belt u van de week nog maar eens’.
Als in Nederland ‘alles rond’ is, ga je met de verkoper bij een café verderop een kop koffie of een borrel drinken. Bij het napraten wordt vaak een bloemetje of een flesje wijn uitgewisseld, afhankelijk van het jaargetijde ‘voor bij de open haard’ of ‘voor op jullie nieuwe terras’. Je hebt een akte getekend en een kopie gekregen. Het huis is van jou.
Als in Griekenland ‘alles rond’ is, ga je met de verkoper bij de buurman verderop koffie drinken. En zwijgend TV kijken, want de verkoper spreekt geen Engels en jij geen Grieks. Dan ga je samen naar de bank, jouw geld gaat naar zijn rekening en dat is het. Je hebt geen akte getekend noch een kopie gekregen. Is het huis nu van jou?
Je besluit dus, nog steeds zonder makelaar, om iemand te machtigen om al dit zogenaamde paperwork voor je te regelen – ook al weet je niet precies wat, want het meeste paperwork gebeurt achter je rug. Wat niet weet, wat niet deert, denk je aanvankelijk nog. Zolang het nog geen geld kost. Of nachtrust.
Maar er is hoop, want ook in Griekenland bestaat de afspraak, dat je na mondelinge overeenstemming over de prijs, een borgsom betaalt. Om te laten zien dat het menens is. Wannéér je dat mag tonen is echter niet aan jou: ‘don’t call us, we call you’ luidt het advies, want einde vakantie is einde contact. Thuis bekijk je de foto’s. Je hoofd wordt rustiger, al droom je nog steeds dat je achtervolgd wordt. Niet door bancaire wolven in deurwaarderskleren, maar gewoon, door een wildwoeste waakhond. Je spreekt hem toe in het Zweeds en hij gaat zacht jankend aan je voeten liggen. Dog di hund.
Enige tijd later blijkt, dat jouw gemachtigde weer iemand anders gemachtigd heeft, op je antwoordapparaat in te spreken: ‘If you want the house, pay the deposit’, spreekt een stem met Australisch accent. ‘Because other people are interested’, klinkt er dreigend achteraan. Dat laatste is ordinaire Griekse bluf, gezien de periode van leegstand. Het eerste is echter wel waar, dus je maakt de gebruikelijke tien procent over en bevestigt deze handeling telefonisch aan je gemachtigde. Een nieuwe periode van radiostilte breekt aan.
Tot de dag, waarop je belasting mag betalen. Een moment van grote vreugde, want dat betekent dat De Waarde Van Je Huis is vastgesteld! Tomorrow is vandaag geworden, de absente collega is weer terug, je hoeft later this week niet meer terug te bellen! Beginnende huizenkopers doen hier nog wel eens lacherig over, omdat zij denken, dat deze waardevaststelling weinig meer is dan het simpel raadplegen van een even simpel tabelletje. Fiscale dikdoenerij, waar ze jou niet bij willen hebben. Dat leek aanvankelijk ook het geval, maar de conspirerende belastingcollega’s hadden buiten mijn plaatsvervangend gemachtigde antwoordapparaatspreker gerekend.
Dat bleek een man met de juiste relaties, het juiste postuur en stemgebruik. En absoluut allergisch voor tegenspraak. Toen deze antwoordapparaatspreker kennis nam van de hoogte van de oorspronkelijke aanslag, had hij zich terstond en persoonlijk bij het belastingkantoor en de beambten in kwestie vervoegd. Door een planologisch toeval houden zij kantoor tegenover het bureau van de politie, wat mijn inspreker de tevreden constatering ontlokte, dat alle crooks dan tenminste overzichtelijk bij elkaar zitten.
Uit de verdere beschrijving van dit voorval viel te leren, dat Griekse belastingambtenaren geen stropdas mogen dragen. Dat heeft niets met het klimaat, Arbovoorschriften of representatie te maken, maar voorkomt slechts dat zij daaraan door misnoegde derden over hun bureau getrokken kunnen worden. Door deze bijkomstigheid kreeg het onderhoud tussen mijn telefooninspreker en de fiscusdienaren het karakter van correctief gesprek. Een gesprek, dat leidde tot onmiddellijke bijstelling van het te betalen bedrag. Naar beneden welteverstaan, en niet zonder volledige inspraak van mijn inspreker. Het gesprek was ten overstaan van het gehele belastingkantoor gevoerd en ook bij de politie zonder auditieve inspanning woordelijk te volgen geweest. Want zó stelt men hier de belasting vast. Niks tabelletje! Pff!
Met die kennis was de overmaking zelf eigenlijk een fiscale bagatel. Een opluchting. Maar ook daarna werd het weer stil. Tot de telefoon meldt – rechtstreeks ditmaal – dat ‘alles rond’ is. De notaris blijkt terug van zwangerschapsverlof. ‘Come over to sign and hand over the money!’ in de woorden van mijn inspreker. Eenmaal bij de notaris op kantoor zie je voor het eerst, welk paperwork zij voor jou gedaan heeft.
In Nederland heeft de notaris dat voor zich liggen, in een mooi mapje. In Griekenland ligt jouw paperwork mogelijk nog ergens in de hoek naast de bank tegenover haar bureau. Een andere client doorzoekt behulpzaam de stapel. ‘Ja, met dat elastiek erom heen. Toch?’ Nee. Op de printer? Nee. Onder de printer dan misschien? ‘Of nee, toch in de kamer hiernaast.’ Inmiddels komen er meer mensen de trap op. Men kent en groet elkaar. Men loopt het kantoor in en komt direct terzake, niet gehinderd door wat daar gaande is. Aan hun vingers of op hun schoot dragen zij de rode plastic tasjes, die elke supermarkt je hier verstrekt. Altijd handig, toch? Ook voor je paperwork.
Dandalos.





