Fietsen in China is vliegen als een vogel
Fietsen door Chengdu is voor mij een waar genot. Eerst was het even wennen, omdat we in Nederland niet gewend zijn dat het overige verkeer je van alle kanten, dat betekent dus ook van voren af en rechts, kan passeren. Dat maakt je in het begin wat schrikachtig, maar je merkt al gauw dat er voor jou als fietser dus ook geen enkele regel bestaat en dat maakt het een avontuur. Op de stoep fietsen, tegen het verkeer in, alles mag.
Ik heb al ontdekt wat de veiligste manier is om je doel te bereiken: aan de verkeerde kant van de weg rijden en zoveel mogelijk tegen de stoeprand aan. Om als buitenlander (die noemen ze hier “lawaai” met een Surinaamse W) toch het goede voorbeeld te geven, doe ik dat toch maar niet te vaak. Ik ben al opvallend genoeg.
Dus was ik degene die aan de goede kant van weg reed, maar steeds om moest kijken of er wel ruimte was om uit te wijken voor het tegemoetkomende verkeer aan de stoeprand (toeterende electrische scooters, fietsen, driewielers met lading). Dat is erg Nederlands, omkijken…… Ik begin het af te leren. Je gaat gewoon naar links en iedereen die daar rijdt, gaat ook gewoon naar links.
In het verkeer hier is het als met het beoefenen van taiji, je moet bij je gevoel blijven en vooral niet gaan nadenken. Je bent als een zwerm vogels, als je meevliegt schakel je in het grote geheel. Geen vogel steekt zijn vleugel uit als hij naar links gaat of kijkt over zijn schouder of het wel kan. Zo gaat dat hier over het algemeen ook.
Uitzonderingen daargelaten, maar ik heb tot nu toe alleen nog kleine blikschade gezien. Het gaat hier allemaal niet zo vreselijk hard, iedereen weet dat er van alles kan gebeuren. Ze fietsen hier vaak zo langzaam, dat ze met de Noordhollandse wind tegen vermoedelijk achteruit zouden rijden.
Wat heerlijk is, dat er hier zo goed als geen brommers zijn. Wat een rust. Nadeel is dat je de electrische scootertjes niet hoort aankomen, maar alles went. Wat dat betreft wordt er in China hard gewerkt aan het verminderen van de luchtvervuiling.
O ja, het kruispunt, fantastisch. Staat het licht op rood voor jou? Dan loop je als voetganger toch minstens een paar meter de weg op om het verkeer zoveel mogelijk te stagneren. Soms staat er een “klaarover” die een fluitje heeft meegekregen. Als die het willekeurige gesprek dat hij/zij met een voorbijganger heeft afbreekt en besluit je terug te fluiten, doe je braaf een muizenstapje achteruit. Het verkeer moet daar niet te veel profijt van hebben.
Voordat jouw licht op groen springt, begin je alvast te lopen, een beetje uitkijken, want de taxi’s lappen echt alle regels aan hun laars en gaan ook sneller. Ook het afslaande verkeer mag nu rijden en probeert zich tussen de mensen op het zebrapad door te persen.
Ik zag zelfs eens een automobilist, die midden op het zebrapad bleef staan om uitgebreid mobiel te gaan bellen. De auto’s achter hem moesten wachten, wat na enige tijd tot toeteren leidde. Na dit gesprek zou je verwachten dat hij door zou rijden en een geschikter plekje zoeken om kantoor te houden, maar nee, hij toetst op zijn gemak een nieuw nummer in en begint een volgend gesprek.
Het mooie is dat iedereen het heel gewoon vindt. Niemand die zijn middelvinger opsteekt of schreeuwend uit het raampje hangt. Niemand met een kort lontje, die dreigt een deuk in je auto te schoppen omdat ze vinden dat je je asociaal gedraagt. Nee, als een zwerm vogels vloeit alles door elkaar, ieder voelend waar het paadje is dat precies voor hem of haar bestemd is. En dan loop je gewoon om de auto heen of je wacht tot er weer ruimte is gekomen om door te gaan. Zo eenvoudig is het.
Voor mij is deze manier van fietsen/voortbewegen pure training voor de taijichuan, die ik in de tempel (Qing Yang Gong) doe. Daar moet je met de aandacht naar binnen, naar je buik, de dantian (zeg: tantjèn) om vanuit daar de bewegingen te maken. Vanuit deze stilte, ontspanning, vanuit je middelpunt leef je. Dan gaan de bewegingen als vanzelf, omdat “iets” in je het overneemt. Alsof de energie al weet waar die heen moet.
Het wordt steeds makkelijker om ook zo te gaan leven. Gewoon voelen en met de stroom meegaan, volg je hart, geniet en neem de tijd.
Als je hier de deur uit gaat zegt men:
Manman zou (zeg: manman dsoow).
Dat voelt als thuis, want het is vertaald naar het Westfries: Kallum an, ‘oor.
Daarom voor iedereen die dit leest: manman zou.
Jolanda Mul
Chengdu, Sichuan, China




gewoon een groet trijntje