Twee stadskatten in de grote wijde wildernis


In april 1999 kwamen we terug van zes maanden backpacken door Zuidoost-Azië. Tijdens die reis namen we de beslissing om bij terugkomst een kat in huis te nemen. Het werden er twee, twee zusjes: Kees en Karel.

Kees en Karel zijn geboren en getogen in Utrecht en zijn binnen de stad vier keer met ons mee verhuisd. Van Lunetten naar Leidsche Rijn naar het mooiste plekje van Oudwijk weer terug naar Leidsche Rijn en tussendoor nog even voor een maandje naar Capelle a/d IJssel, omdat het appartement dat we zouden gaan huren nog niet af was.
Toen ze 10 jaar oud waren, in maart 2009, maakten ze de grootste verhuizing van hun leven tot dan toe mee: van een appartement zonder buiten (niet eens een balkon) in Leidsche Rijn, naar een huis vrijwel bovenop een heuvel met alleen maar akkerland eromheen, in hartje Italië.

Ik maakte me in het begin wel een beetje zorgen om ze, twee van die stadskatten die ineens in de grote wijde wildernis van Le Marche rond zouden lopen. Zouden ze niet gebeten worden door slangen of schorpioenen? Wat als ze ruzie krijgen met een das of een vos? Wat als een jager ze per ongeluk neerschiet? Tja, dat kan allemaal gebeuren. Maar van de andere kant, als ze iets zou overkomen dan hebben ze de laatste jaren van hun leven in ieder geval nog even een prachtig bestaan gehad.

Tot nu toe gaat het prima met ze. Kees is in het voorjaar wel een keer behoorlijk gehavend thuis gekomen. Ze zat onder de wondjes; we vermoeden dat ze een robbertje gevochten heeft met een  onvriendelijke das. Die wondjes genazen echter goed en al snel ging ze ‘s nachts weer aan de wandel. Karel kan urenlang in de brandende zon geduldig op een muurtje zitten wachten tot er een hagedis uit tevoorschijn komt. Als ze die vervolgens gevangen heeft wordt ie natuurlijk smakelijk opgepeuzeld. Gedurende het jaar komen we regelmatig schorpioenen tegen in en om het huis, maar ik heb ze er nog geen aandacht aan zien besteden. Slangen zitten er ook, maar die zien we gelukkig minder vaak en ook daar hebben we nog geen vervelende ervaringen mee gehad.

De beestenboel is inmiddels uitgebreid met een Italiaans aanloopkatje dat we Zusje hebben genoemd en niet te vergeten Lola, de Berner Sennenhond van inmiddels ruim 1,5 jaar oud. In de winter vinden de katten het te koud om naar buiten te gaan en blijven ze dus binnen, waar ze tot elkaar zijn veroordeeld. Lola leeft echter helemaal op in de kou en is één brok energie in de winter. De sneeuw van afgelopen winter was een groot feest voor haar. Zusje en Lola zijn trouwens dikke vriendjes geworden.

Ondanks dat Lola best groot is en af en toe wat lomp, kan ze heel lief en relatief voorzichtig met Zusje spelen. Zusje daarentegen zet dan weer vol overgave haar nagels en tanden in de poten van Lola, maar die lijkt dat amper te voelen. En tien minuten later ligt Zusje prins(es)heerlijk bovenop Lola te slapen.

Karel kan echter niet zo goed tegen de winter, al dat binnen zitten met die andere dieren om haar heen is haar veel te druk. We hopen dus maar voor haar (en voor ons) dat de winter dit jaar kort duurt en dat ze in het voorjaar snel weer naar buiten kan.

www.bbterramossa.it

Informatie en Links

Doe mee door te reageren, te volgen wat anderen hebben te zeggen, of door van uw blog naar hier te linken.


Andere Berichten

Reageer

Vertel ons wat u vindt. Sommige HTML-tags zijn toegestaan.

Reacties van lezers

Hoi Annemarie,
Ik dacht al waar zijn Kees en Karel, ik hoorde alleen verhalen over Lola en sinds kort zusje. Maar heel leuk dit verhaal over Kees en Karel.