Naar de brugklas in Zweden
Daar gaat ze dan. Onze dochter heeft de leeftijd om naar de brugklas te gaan en vandaag is de eerste schooldag. Het verschil tussen naar de brugklas gaan in Nederland of in Zweden is ontzettend groot. Ik heb nog nooit een brugpieper zo relaxed naar school zien gaan als mijn dochter deze morgen.
In Nederland zou ze nu elke dag met de fiets naar school moeten gaan, toch wel zo’n vijfentwintig minuten heen envijfentwintig minuten terug. Een paar keer oversteken, door regen en kou, met zijn vieren naast elkaar, toch wel behoorlijk spannend voor elke ouder van een twaalfjarige. Maar doordat we een jaar geleden naar Zweden zijn geëmigreerd hebben we dat vermeden. Net als vorig jaar komt hier elke dag de schoolbus voorrijden, vol met vriendinnen en het hoogtepunt van elke schooldag. Geen natgeregende broeken en onzekerheid of mijn kind wel op school aankomt.
In Nederland ga je met twaalf jaar naar een nieuwe, vaak grote school, waar je in een klas komt met nieuwe klasgenoten. Je krijgt een mentor, een dozijn nieuwe leraren en je moet je met een nieuw rooster wegwijs zien te maken in een wirwar van gangen en lokalen. Pauzes houd je in volgestampte aula’s en terwijl je nietsvermoedend je boterhammetje opeet word je uitgemaakt voor brugsmurf en brugpieper. Nee, dan mijn twaalfjarige. Ze zit op een school voor kinderen tussen de 6 en 16 jaar, het loopt netjes door in negen klassen. Niets nieuwe school dus. Ook zitten er in totaal maar zo’n 150 kinderen op school, allemaal welbekend. De ‘nieuwe’ klas waar ze nu inzit bestaat uit 14 leerlingen en is nog kleiner dan haar combinatieklas van vorig jaar. Ze heeft met iedereen al een jaar in de klas gezeten.
Toen ik probeerde uit te leggen in welk lokaal ze zou beginnen vandaag, kreeg ik een blik van:’ dat weet ik toch allang.’ Zo groot is de school inderdaad niet en al heeft de ‘bovenbouw’ een geheel eigen gang, vorig jaar kreeg ze daar wel Engels en is ze er talloze keren doorheen gelopen. Alle leraren zijn bekend, in ieder geval van gezicht en reputatie. Haar mentor dit jaar is de plaatselijke schrijver en dichter, zeer beroemd in deze streek, en nog belangrijker, volgens iemand die hem vorig jaar als mentor had is hij enorm aardig. Klein lijken ze ook niet echt, die twaalfjarigen, zoals gezegd zijn er ook echte kleintjes van een jaar of 6. Bovendien zijn er nog maar drie klassen ouder dan mijn dochter, deze in totaal zo’n zestig leerlingen kennen mijn dochter wel, ze hebben haar in ieder geval allemaal al op Facebook.
Lunchen doen de klassen met een paar tegelijk in de eetzaal, waar elke dag een warme lunch geserveerd wordt. Je mag zelf opscheppen, dat is altijd fijn als er iets bijzit wat je niet lust. Na de lunch kun je naar buiten, naar de enorm grote schooltuin, of je hangt wat rond in de lounge of de gangen. Van overbevolking is geen sprake.
Deze eerste week heeft onze dochter het nog makkelijk, twee keer om half twaalf uit en drie keer om één uur. Dat zal volgende week wel iets meer worden. Maar met een minimum aan huiswerk en zeker tien minuten rust na elk lesuur hoor ik haar daar vast niet over klagen. Ik weet het, mijn kinderen hebben vorig jaar hun portie wel gehad door naar een nieuwe school te gaan in een ander land waar ze een vreemde taal spreken. Maar dit jaar hebben we een makkie. Eigenlijk is er in vergelijking met vorig jaar weinig veranderd, o, ja, behalve dan dat onze dochter nu een kluisje krijgt, nummer 4, dat voorrecht hebben alleen de allergrootsten.




veel succes voor Kimmy in de brugklas