Gelukkig nieuwjaar, schatje!
Er bestaat in Nederland een tamelijk populair TV-programma over vakantieliefdes. Dankzij BVN kan ik dat ook in Griekenland ontvangen. De deelneemsters – meestal vrouwen – beantwoorden eerst een paar wie-wat-waar-wanneer-vragen over hun Spaanse ex-Juan, Italiaanse ex-Mario of Griekse ex-Adonis. Of er nog foto’s of brieven zijn, of er nog contact is. Dan de vraag of ze willen meewerken aan een rendez-vous. Zo ja, dan gaat het team op zoek naar de betreffende lover van destijds. Soms leidt het weerzien tot pijnlijke confrontaties: ‘wie is die vrouw?’ of ‘hallo Ria’ tegen de Elly van toen. Een enkele keer gaat het echt fout en worden ter plekke de echtscheidingspapieren bijna alsnog aangevraagd – en getekend. Drama.
Tijdens het bereiden van een heerlijke briam was mijn gas op. Om de lege fles tegen een nieuwe van het juiste formaat te ruilen, kwam ik bij een lokaal supermarktje terecht. De eigenaar was in gesprek met Adonis. Ik kende Adonis wel, vooral als ober in het plaatselijke grill-restaurant, maar tegenwoordig was hij ook druk met dienstverlening aan buitenlanders die hier een huis wilden kopen, bouwen of verbouwen. Adonis wist de weg, kende vele ‘mannetjes’ en was bovendien betrouwbaar. Adonis herkende mij ook, maar moest nog even wat verifiëren.
‘Jij komt toch uit Nederland?’ begon hij. ‘Amsterdam?’ ‘Mwa’ zei ik, ‘wel geboren, maar tegenwoordig een beetje noordelijker: West-Friesland’. Dat bleek voldoende legitimatie om op te biechten, dat hij ooit een Nederlandse vriendin had gehad. Een mooie meid, die tijdens haar vakantie voor zijn woeste aantrekkelijkheid was gevallen. En nogal ernstig, want ze wilde blijven. Bij hem zijn. En als dat nu niet kon, zou ze zeker terug komen. Dat deed ze dan ook, ondanks Adonis’ waarschuwingen, dat het Griekse leven er ’s zomers heel anders uitziet dan in de tussenliggende zes maanden.
Dat wilde ze dan wel eens zien en ze bleef een keer bij Adonis overwinteren. Volgens Adonis was de relatie daarna nog steeds prima, maar ze was toch overtuigd: als jonge meid alleen, permanent in Griekenland, heeft z’n beperkingen. Na een afscheid waarover Adonis niet teveel in details wilde treden – vertrok ze naar weer Nederland, dit keer voorgoed. Destijds was contact slechts mogelijk per brief of telefoon, maar langs beide communicatiekanalen bleef het stil.
Op 1 januari van het volgende jaar ging bij Adonis de telefoon. ‘Gelukkig Nieuwjaar, schatje’ klonk een vrouwenstem, die Adonis onmiddellijk herkende. Voor hij iets terug kon zeggen werd de verbinding verbroken. Zonder nummer was terugbellen niet mogelijk, dus bleef hij in onmachtige stilte achter. Die duurde exact een jaar, want de volgende nieuwjaarsdag herhaalde de geschiedenis zich: ‘Gelukkig Nieuwjaar, schatje’. En opnieuw was er geen woord tussen te krijgen.
Naar eigen zeggen was Adonis niet zo’n beller, laat staan schrijver, dus hij liet het er maar bij. Zodat hij elk jaar toch weer verrast werd door de stem van zijn vroegere vakantieliefde. En elk jaar was het gesprek eenzijdig en beperkt tot de woorden: gelukkig, nieuwjaar en schatje.
Ik waagde een zijdelings blik naar de supermarkteigenaar, die het verhaal kennelijk ook voor het eerst hoorde en het tot nu toe met on-Griekse zwijgzaamheid had gevolgd. De blikwisseling was Adonis niet ontgaan, en gebruikte de stilte om de spanning nog wat op te voeren.
‘Dat heeft uiteindelijk 23 jaar zo geduurd’ ging hij verder. Weer een stilte. ‘Tot dit jaar.’ De winkelier en ik wachtten ademloos op het vervolg, in het besef dat de ontknoping niet ver weg kon zijn. Nieuwjaarsdag was voorbij gegaan zonder het rituele telefoontje en ook Adonis had dit feit, net als vorige jaren in beslag genomen door zijn bezigheden op de overige 364 dagen, niet opgemerkt.
Zoals elke zomer werkte hij weer als ober in restaurant Steki, waar zich op enig moment het zoveelste gezin met twee opgroeiende kinderen meldde. Ja, ze wilden wel wat eten. Ze bekeken de kaart, Adonis gaf hun bestelling door aan de keuken en wijdde zich aan de andere gasten. Hij bracht de gewenste drankjes en wijde zich aan de andere gasten. Hij serveerde hun maaltijden, wenste ze proost en smakelijk eten en wijdde zich aan de andere gasten. Dat was immers zijn taak.
Hij had net een andere tafel afgeruimd toen de vrouw van het gezin zijn weg naar de keuken enigszins versperde. Of Adonis haar even de weg naar het toilet kon wijzen. Hij maakte zijn handen leeg en ging haar voor, de nauwe gang in naar achteren. Hij schoof tegen de muur om de vrouw met een handgebaar doorgang te verlenen, maar dat bleek niet de bedoeling. Adonis werd vastgepakt en in de toiletruimte gedrongen. Hij zag de deur achter de vrouw dicht gaan terwijl ze hem stevig begon te kussen en betasten. En daar bleef het niet bij. ‘Gelukkig Nieuwjaar, schatje’ hijgde ze in zijn oor.
De winkelier en ik keken elkaar opnieuw aan. Nu zouden we deelgenoot worden gemaakt van verzengende passie en even haastig als gretig losgerukte kledingstukken. Getuige zijn van genante situaties. Rukken aan de deur door andere gasten, die ook wel eens naar het toilet wilden. Brekend hang-en sluitwerk. We gingen meemaken hoe de echtgenoot, aan tafel overgeleverd aan twee steeds baldadiger wordende pubers, kort voor het moment surprême, bezorgd maar vooral geïrriteerd op de deur kwam bonken waar ze bleef.
Niets van dat alles. Adonis was cool en bleef cool. Aanvankelijk had hij zich moeten herstellen vanuit zijn onevenwichtige positie schuin tegen de stortbak, maar daarna had hij zich aan het amoureuze geweld ontworsteld en de vrouw luid sissend gevraagd waar ze in hemelsnaam mee bezig dacht te zijn, terwijl haar man en kinderen godbetert nietsvermoedend aan de andere kant van de muur op haar terugkomst zaten te wachten. Bedremmeld en overrompeld door zijn afwijzing had zij haar kleding en make-up weer toonbaar gemaakt, terwijl Adonis zich met zijn professionele glimlach, jawel, weer aan de andere gasten wijdde.
De winkeldeur ging open en twee meiden van een jaar of twintig struikelden giechelend naar binnen. Ze begroetten hun vaders uitbundig en hadden dringend geld nodig om iets leuks en absoluut noodzakeljks te kopen – nu. De stemming sloeg om van een onvoltooid vadersmineur naar een klaterend dochtersvivace. Ik rekende mijn 20 Euro af voor een volle gasfles en verliet de winkel. Een verhaal met een open einde, dat had ik weer.
Op weg naar huis rolde de gasfles onrustig in de kofferbak. Ik realiseerde mij, dat er in elk geval één vrouw in Nederland is, die weet hoe het verhaal afloopt. En die net als ik weet hoe Adonis in werkelijkheid heet. Ze kan me bellen; bij voorkeur nog voor 31 december.
Dandalos.



